Open baaien zoals Faxaflói bij Reykjavík liggen bloot aan Atlantische stromingen en fungeren als gangen voor migrerende walvissen zoals dwergvinvissen, gewone vinvissen en af en toe blauwe vinvissen die langs de Mid-Atlantische route trekken. De beschutte fjorden in Noord-IJsland, zoals de Eyjafjörður bij Akureyri en de Skjálfandi-baai bij Húsavík, zijn rustiger en warmer, waardoor walvissen er dagen of weken kunnen blijven eten in plaats van er alleen maar doorheen te trekken.








